Skip navigation links
Automatiseer uw tekstdocumenten expressief en gemakkelijk met TExpressive!
Menu
TExpressive
Automatiseer uw tekstdocumenten expressief en gemakkelijk met TExpressive!

ForEach functie

Schrijft de inhoud van "Do" uit voor elke subparameter van de parameter opgegeven in "In", en stopt de karakteristieken van de huidige subparameter in de parameters opgegeven met "Value", "IndexName" en "IndexNumber".

Opmerkingen

  • Sorteren op naam en waarde is niet hoofdletter-gevoelig.

Argumenten

Value (optioneel)
De naam van de parameter om de waarde van de huidige subparameter in op te slaan.
IndexName (optioneel)
De naam van de parameter om de indexnaam van de huidige subparameter in op te slaan (relatief t.o.v. de hoofdparameter).
IndexNumber (optioneel)
De naam van de parameter om het indexnummer van de huidige subparameter in op te slaan (relatief t.o.v. de hoofdparameter).
LoopNumber (optioneel)
De naam van de parameter om de lusnummer teller in te bewaren.
In
De parameter waarvan de subparameter(s) moeten worden afgelopen.
Do
De inhoud om te herhalen voor de huidige subparameter.  Mag natuurlijk ook letterlijke tekst of een parameterverwijzing bevatten, maar dat zal vaak minder nuttig zijn.
OrderBy (optioneel)
De volgorde waarmee de subparameters worden afgelopen.  De standaard volgorde is oplopend op volgnummer.  Ondersteunde opties:
  • "NameAsc" (op naam, oplopende volgorde)
  • "NumberAsc" (op volgnummer, oplopende volgorde)
  • "ValueAsc" (op waarde, oplopende volgorde)
  • "NameDesc" (op naam, aflopende volgorde)
  • "NumberDesc" (op volgnummer, aflopende volgorde)
  • "ValueDesc" (op waarde, aflopende volgorde)